Home   Ontstaan  Klein Kanaan   Gebed   Lektuur   Actueel   Kleine Kanaan

Het klein Kanašncentrum
 

Klein Kanašncentrum

Sinds 1980 wordt deze Nederlandse vestiging van de Evangelische MariŽnschwestern in Nijverdal bewoond door twee Nederlandse zusters.  Hun opdracht bestaat hoofd-zakelijk uit het doorgeven van de kostbare boodschap waaruit ze zelf willen leven en die ze ook graag aan anderen doorgeven. Zij doen dit voornamelijk door het vertalen en verspreiden van boeken, brochures, kaarten, uitdeel-materiaal, audiocassettes en video 's die in de de Evangelische MariŽnschwestern te Darmstadt in Duitsland zijn ontstaan.  Als Nederlandse zusters hebben zij daar enkele jaren geleefd en gewoond tot zij in april 1980 een nieuwe start mochten maken met een kleine vestiging voor de zustergemeenschap in Nijverdal. Door spreekbeurten in heel Nederland, open dagen voor gasten uit alle christelijke groeperingen, boekentafels op conferenties en lectuur-beurzen kreeg hun oproep vanuit de zustergemeenschap overal bekendheid.  Het is met name de boodschap van de ''eerste liefde'' tot Jezus en de terugkeer tot het Vaderhart van God die juist in deze tijd zo weinig meer centraal staat. Inmiddels is vooral het vertalen van de Duitse lectuur uit de zustergemeenschap en de lectuurverspreiding het hoofddeel van hun dagelijks werk geworden. Daarnaast ontvangen zij ook mensen die iets willen weten over de zustergemeen-schap,  pastorale problemen hebben of op andere wijze hulp zoeken. Ook kan men ter plaatse de lectuur bezichtigen en meenemen.  In april 2005 werd het 25 -jarig jubileum van het Klein Kanašncentrum gevierd. Uit het jubileumboekje dat voor die gelegenheid ontstond, volgen enkele citaten:

 "15 april 1980. Aankomst op Tollensstraat 20 te Nijverdal, een klein rijtjeshuis. De Bijbeltekst van die dag luidde.

                         " Zie, Ik zend een engel voor uw aangezicht. 
  Exodus 23:20 

Eens zullen we zien hoe Zijn engelen voor ons zijn uitgegaan, wegen gebaand hebben en ons bewaard hebben op al onze wegen! 

Het eigenlijke huis, Tollensstraat nr. 24 - twee huizen verder op de hoek van de straat - werd op dat moment nog bewoond. Een Kanašnvriendin had dit huis, grenzend aan een rustig park, in het begin van de jaren ‘70 voor de zustergemeenschap gekocht. Hiermee begint het Nederlandse verhaal van “Gods wonderen in onze dagen”.      

Open dagen trekken spoedig zoveel bezoekers dat het huis op Tollensstraat 20 al snel te klein is. In de woonkamer laten we de stoelen voor de gasten staan voor de volgende keer. De pakjes voor de bestellingen worden op de zittingen van de stoelen gemaakt. Na een jaar komt ‘ons huis’ op nr. 24 vrij. In april 1981 kunnen we onze kleine inboedel over de straat verhuizen naar nr. 24, waar enkele maanden later een groot stuk wordt aangebouwd. Een drukke, chaotische, maar mooie tijd. Na een hele dag ‘bouwnijverheid’ wordt alles snel opgeruimd en gestofzuigd en gaan we met de auto, die de Vader intussen heeft gegeven,  er op uit om ergens in het land een film- of diapresentatie te verzorgen. Naast innerlijke vragen naar onze opdracht en boodschap horen we vaak: Moet u die kleding altijd aan en waarom draagt u een ring? Bent u altijd blij? Wat doet u nou de hele dag? Bidt u hele dagen? Kunt u niet beter sociaal werk doen?  Dankzij de hulp van de Heilige Geest lukt het deze vragen  steeds weer tot een zekere tevredenheid te beantwoorden.

Door de inzet van enkele Kanašnvrienden wordt er in april 1982 een verzoeningsbord geplaatst in het Verzetsmuseum te Leeuwarden en later ook een in het Corrie ten Boomhuis te Haarlem. Op deze borden vragen de zusters van Kanašn vergeving over de Duitse schuld aan het Nederlandse volk.

Met onze lectuur worden ook boekentafels verzorgd op diverse samenkomsten, conferenties en de Christelijke boekenbeurs. We danken onze hemelse Vader dat er in de loop der jaren veel nieuwe boeken en brochures in het Nederlands mochten verschijnen. Ook vůůr de vestiging van het Klein Kanašncentrum was er door het echtpaar van der Kolk dat vele jaren de dienst voor de zusters in Nederland heeft gedaan al veel vertaald en gedrukt. Nu konden er door de genade van de Heilige Geest en de hulp van onze hemelse Vader nog  eens 30 boeken, 20 brochures en 15 vouwbladen gedrukt worden, zelfs een klein dagboekje in het Fries. 

"Op haar reizen langs de buitenlandse vestigingen komt Moeder Basilea ook naar Nijverdal. Bij dit bezoek in de zomer van 1986 merkt zij dat we veel te weinig ruimte hebben. Zij bidt met ons om meer ruimte.  De verhoring laat niet lang op zich  wachten. Begin 1987 geeft de Vader een tweede huis, vlak achter het eerste, zodat de beide achtertuinen in elkaar overlopen. Een meesterwerk van hemelse regie!  

Al snel is ook deze woning te klein. Er moet een 'zaaltje’ komen om de vele gasten te ontvangen en meer werkruimte, ook voor de opslag van al het materiaal. Bouwplannen worden gemaakt. Een aannemer is bereid het geloofswaagstuk  aan te gaan; hij weet dat we geen geld hebben. Weer volgt er een inspannende bouwtijd met veel geloofsstrijd om de vergunningen en het nodige geld. Ons vertrouwen wordt erg op de proef gesteld als we het vele dure bouwmateriaal zien komen en meemaken hoe de bouwvakkers zelfs nog op zaterdag overuren maken. Soms kunnen we er niet van slapen. Maar onze hemelse Vader beschaamt ons ongeloof! Net voor de vakantie van de bouwvakkers is alles gereed en konden alle rekeningen worden betaald."

In 1991 worden we opgeschrikt door het bericht dat de gemeente van Nijverdal een jeugdhonk wil oprichten in het aangrenzende park. Er zal bij dit jeugdhonk ook een disco-theek ontstaan met alle gevolgen die dit met zich meebrengt; o.a. geluidsoverlast tot diep in de nacht. Daartegen wordt op alle fronten de strijd aangebonden. Omwonenden verzamelen veel handtekeningen, er wordt een advocaat te hulp geroepen, maar de gemeente legt alles naast zich neer. Wij proberen enkele mensen gerust te stellen door te zeggen dat we ervoor bidden. Intussen vragen we ons wat bezorgd af wat we daar hebben gezegd. Zal God ons gebed wel verhoren? Nu gaat het om Zijn eer en de strijd wordt heviger dan ooit. Er wordt een kettinggebed gestart. Doet de Heer ook vandaag nog wonderen? De bouwvergunning is al verleend en het terrein waar gebouwd zal worden is al afgebakend met paaltjes.

Maar nog altijd is God groter!!  

Onder het zingen van geloofsliederen trekken we met groepen vrienden in optocht door het park. Dan gebeurt het wonder. Terwijl wij met een groep gasten een open dag houden hoort een van onze medewerksters van de buurman wat er die dag in de krant staat: Het Jeugdhonk is afgeblazen wegens gebrek aan geld; er was een fout gemaakt bij de kostenberekening. Juist nu er een groep gasten is toont God wie Hij is! De dankliederen schallen door de omgeving. We mochten ervaren dat de Vader op ons gebed niet alleen “rondwegen verlegt” zoals destijds bij de aanleg van Kanašn, maar dat Hij ook het bouwen van een jeugdhonk te elfder ure verhindert. Iemand uit de Vriendenkring doopt het park

  “Jezus’ Overwinningspark”

In 2003 wordt een “derde huis” geschonken, grenzend aan het tweede huis.  Dat deze drie huizen naast elkaar en in het verlengde van elkaar liggen is voor iedereen zo'n groot won-der dat niemand meer van een ''toeval'' durft spreken. Gods grote Naam wordt geprezen en verheerlijkt  Het terrein van het “Klein Kanašncentrum” wordt nu zo vergroot door de drie tuinen die naast elkaar liggen dat het daardoor mogelijk wordt “de tuin van het lijden van Jezus “ uit te breiden. 

 
Ter gelegenheid van het 25-jarige bestaan van het Klein Kanašncentrum op 15 april 2005 worden er bij de al bestaande reliŽfs nog twee nieuwe geplaatst. Een groot kruis als hťt teken van Jezus’ liefde en verlossing staat inmiddels in het centrum van de drie tuinen. Waar het kruis van onze Heer Jezus Christus in veel verkondiging niet meer centraal staat, was het ons verlangen dat juist dit het middelpunt van onze Lijdenstuin zou zijn. "
 

                                                                

 

  Oktober 2009.  Inmiddels moesten we door gebrek aan opvolging onze vestiging in Nederland sterk reduceren en zijn er twee van de drie huizen verkocht. Een zuster is terug gekeerd naar het Moederhuis in Darmstadt, zodat het Klein Kanašncentrum nog door een zuster wordt bewoond die o. m. de uitgave van de lectuur verzorgt.